Interview: Matteo Simoni heet je welkom in Oostende!

Filmfestival Oostende kiest elk jaar een Master, als gastheer van het festival. Dit jaar valt deze eer te beurt aan acteur en shooting star Matteo Simoni. Hij is meteen de jongste Master van het filmfestival ooit. Lees hier ons interview!

Interview: Matteo Simoni heet je welkom in Oostende! © Janey van Ierland

Peter Craeymeersch, directeur van het filmfestival, is alvast blij met zijn jonge Master:
“Matteo is voor mij een van de boegbeelden van het aanstormende talent dat Vlaanderen rijk is. Hij heeft alles in zijn mars om internationaal door te breken.”
 
Wij hadden een leuk gesprek met de acteur, over familie, ambitie en natuurlijk zijn masterschap van Filmfestival Oostende, dat dit jaar plaatsvindt van 7 tot 15 september.

Liefde voor cinema

Liefde voor cinema © FFO

Je bent dit jaar Master van het Filmfestival van Oostende. Was je verrast door de uitnodiging?

“Ja, toch wel. Peter Craeymeersch heeft eerder al eens gepolst, maar toen voelde ik mezelf nog te jong. Ik ben nog altijd jong, maar dertig vind ik toch een goeie leeftijd. Het is vooral een grote eer om Master te mogen zijn, en daarmee kleppers als Barbara Sarafian, Peter Van den Begin en Wim Opbrouck op te volgen. Ik ga het dan ook zo goed mogelijk proberen te doen. Ik heb een grote liefde voor cinema, dus waarom zou ik het niet doen? En daarbij, ik ben graag aan de zee!”

Je hebt er niet lang over moeten nadenken dan?

“Nee, helemaal niet. Het moest alleen een beetje passen in mijn agenda, maar het gaat mooi lukken. Ik werk op dat moment wel aan het tweede seizoen van Callboys, maar ik zal de weekends vrij hebben om naar hier te komen.”

Liefde tussen vader en zoon

Liefde tussen vader en zoon © VRT

Wat houdt het precies in om Master zijn?

“Je maakt een Masterselectie van films die je wil voorstellen, rond een thema dat je zelf kiest. Verder draait het vooral om je aanwezigheid: het gezicht zijn van het Festival, iedereen met een warm hart welkom heten, mensen aan elkaar voorstellen. Kortom, zorgen dat het hier een nest van liefde is, dat het iets méér is dan gewoon naar de cinema gaan.”

De rode draad in jouw Masterselectie is de liefde tussen een vader en zijn zoon. Je kiest onder meer voor Nebraska en Cinema Paradiso, In the Name of the Father en La Vita è Bella. Vanwaar die keuze?

“Wel, ik wou sowieso iets doen met familie. De liefde die je voelt voor je familie is onvoorwaardelijk, dat is iets wat in je bloed zit. Dat was dus mijn plan, en toen ik daarop ging inzoomen, kwam ik vrij snel bij mijn vader uit. Hoe ben ik zelf ooit beginnen te spelen? De ambitie, de goesting en de fantasie heb ik eigenlijk echt van mijn vader gekregen. Hij heeft mij destijds de zin gegeven om toneel te spelen.”

“Ik kom uit een gezin met drie zonen, maar eigenlijk was mijn vader een vierde zoon, die ook een beetje moest worden opgevoed door mijn moeder. Hij was toen voor mij meer een vriend, een levenskameraad met wie ik van gedachten wisselde over smaken, goestingen en alles wat daarbij komt kijken. Hetzelfde geldt trouwens voor mijn grootvader, die twee jaar geleden overleden is. Eigenlijk zijn mijn grootvader, papa en ik drie dezelfde mensen. Van een andere generatie weliswaar, en in andere situaties, maar toch merk je diep vanbinnen hetzelfde jongetje.”

Wat ik zo mooi vind, is de wisselwerking. Het leven zet en keert zich, en op een gegeven moment steek je je vader bij wijze van spreken ergens voorbij. Als klein kereltje kijk je op naar je vader, maar later kan ook die vader opkijken naar zijn zoon. Een gegeven dat zeker aanwezig is in de films uit mijn selectie.”

Nostalgie

Nostalgie © FFO - Isopix

Je maakte voor Filmfestival Oostende zes verschillende promotiespotjes, waarin de band tussen vader en zoon naar voren komt. Mooie spots, zonder woorden.



“Ja, de spotjes! Ik hou ervan om zo wat low profile te blijven, iets te laten zien wat eerlijk is, herkenbaar en een beetje nostalgisch … Nebraska van Alexander Payne en Cinema Paradiso van Guiseppe Tomatore vormden de inspiratie, die sfeer wilde ik oproepen."

"Nebraska gaat over een man die zijn vader in de waan laat dat hij de lotto heeft gewonnen, en die film doet me denken aan mijn grootvader. De laaste zes jaar van zijn leven zat hij in een rusthuis: wat ik daar zag, de stilte die er hangt en de etiquette die vaak wat wegvalt … dat was ontroerend en tegelijk ook heel geestig. In de spotjes komt dat echt terug.”

Shooting star

Shooting star © Isopix

Tijdens Filmfestival Oostende worden elk jaar de Ensors uitgereikt. Je werd zelf ooit genomineerd voor je rol in Marina. Hoop je op een nieuwe nominatie voor Patser?

“Goh, ik heb daar wel eens aan gedacht, maar éigenlijk: in Patser mogen spelen, en het feit dat er zoveel mensen naar die film zijn gaan kijken, dat is de prijs op zich."

"Tijdens het Filmfestival van Berlijn ben ik dit jaar uitgeroepen tot een van de tien European Shooting Stars, dankzij mijn prestatie in Patser. Zalig was het om daar te mogen staan. Beter dan dat kan het eigenlijk niet worden. Een Ensor zou dus mooi zijn, maar ik ga er niet van wakkerliggen. Dat masterschap vastpakken en daar mijn best voor doen, dat is mijn plan."

Hoop je dat die Shooting Star deuren voor je zal openen?

“De essentie is inderdaad wel dat je daar bent en dus mensen leert kennen, contacten legt, enz. En dat heb ik ook gedaan, maar ik ben heel nuchter in die dingen en ik blijf met de voeten op de grond.”

“Natuurlijk droom ik van een carrière buiten de landsgrenzen. Niet gewoon om bekend te zijn, maar vooral omdat er in het buitenland meer goeie scenario’s zijn. In België ook, maar minder. Je blik verruimen, samenwerken met interessante regisseurs die je alle hoeken van de kamer laten zien? Ik teken direct!”

“In België heb je die regisseurs ook wel, maar vaak trekken ze na een paar goeie films naar het buitenland. Ik hoop dat ook ooit eens te doen, maar dat hoeft allemaal niet meteen. Als dat is op mijn vijftigste, is het ook goed. Laat de dingen maar komen zoals ze komen."

Gezonde ambitie

Gezonde ambitie © Isopix

Ambitieus zijn, maar met de voeten op de grond blijven. Is dat iets dat je beginnende acteurs zou aanraden?

“Ja, eigenlijk wel. Ambitie is heel gezond, maar mag niet giftig worden. Je mag niet de slaaf zijn van je eigen ambitie, of er te afhankelijk van worden. Daarom probeer ik in mijn leven ook dingen op te zoeken die niét met acteren te maken hebben. Ik ben bijvoorbeeld een surfer: ik ga veel op reis en ik surf de wereld rond. Als ik daar dan van ’s morgens tot ’s avonds in de zee lig, dan besef ik altijd goed dat er veel méér is dan die job. Dat maakt dat ik alles wel een beetje kan relativeren."

De aard van het beestje?

“Ja, toch wel. En ik ben zo opgevoed. Ik heb een lieve vriendin, een fijne familie, enz., en dat betekent veel voor mij. Het leven kan morgen gedaan zijn, dus je moet genieten van alles wat op je af komt. De dingen forceren, dat gaat toch niet. Maar je kunt wel hard werken en op een gezonde manier ambitieus zijn: investeren in je talen, in je maturiteit, in allerhande dingen … om wel kláár te zijn voor wat er komt. Stel dat ze mij ooit vragen voor een buitenlands project en ik zou niet klaar zijn? Ik zou mezelf voor de kop slaan!”

Ondertussen gaat het hier ook goed.

“Inderdaad, heel goed. Ik heb de luxe dat ik een beetje kan kiezen … en ik ben ook wat kritischer geworden dan tien jaar geleden wat dat betreft.”

"Rollen die ver van Matteo staan, vind ik het interessantst"

"Rollen die ver van Matteo staan, vind ik het interessantst" © KFD - Isopix

Wat zijn voor jou criteria om een rol aan te nemen of niet?

“De laatste jaren heb ik wel het gevoel dat elke rol die ik aanneem een reactie is op het vorige, of een andere kleur heeft dan het vorige.”

“Als je kijkt naar Safety First, Callboys, Patser en Marina bijvoorbeeld … of mijn rol in Jan De Lichte, een reeks die volgend jaar op tv komt: die rollen liggen zo ver van elkaar af dat ik het interessant vind. Zodra ik perfect weet hoe ik een rol moet spelen, vind ik het minder interessant. Een rol die mij onzeker maakt, maakt me ook creatief en houdt me scherp. Dingen die me bang maken en waarin ik mezelf helemaal kan verliezen, die ver van Matteo staan… die vind ik eigenlijk het interessantste. Binnenkort ga ik in een film van Robin Pront de rol van Dennis Black Magic spelen, een pornoregisseur in de jaren negentig. Dan denk ik, ja zoiets! Een rol die ver ligt van Matteo, iets dat ik nog nooit heb gespeeld, natúúrlijk zeg ik daar ja tegen!"

"Een rol moet mijn fantasie prikkelen"

"Een rol moet mijn fantasie prikkelen" © KFD

Wat is de leukste rol die je al gedaan hebt?

“Goh, de leukste is altijd de laatste rol, dus nu is dat Patser. Maar wat ik eigenlijk vooral fantastisch vind aan de rollen die ik al heb mogen spelen: er is altijd een wereld voor mij opengegaan. Bij Marina was dat een Italiaanse wereld die ik nog niet kende. En daar komt dan alles bij kijken … het jargon, de taal, de mentaliteit, de muziek, de geschiedenis van Italië. Bij Patser kreeg ik een glimp van wat het is om een moslim te zijn in België."

"Dát is het eigenlijk, er moet een wereld opengaan. En je kunt dat in de hand werken door kritisch te zijn voor jezelf en projecten te kiezen die dat aanreiken. Als een filmrol je als mens verrijkt en je wat slimmer maakt, dat is toch geweldig?"

Zijn er dan ook dingen die je liever niet doet? Wanneer zeg je nee?

“Ik zeg nee als het mij niet in beweging brengt. Een rol moet mijn fantasie opwekken als ik het scenario voor de eerste keer lees. In principe zou ik alles willen doen, maar het moet wel goed zijn.”

"Er zijn al genoeg azijnpissers, waarom zou je niet positief mogen zijn?"

"Er zijn al genoeg azijnpissers, waarom zou je niet positief mogen zijn?" © Isopix

Heb je een verlanglijstje, dingen die je écht zou willen doen?

“Er is best veel dat ik nog zou willen doen. Ik zou bijvoorbeeld graag eens in het Frans spelen. Ik maak wel fouten, maar ik geloof wel dat ik dat op een geloofwaardige manier krijg neergezet. Ik heb bij Marina, waar ik in het Italiaans speel, gemerkt dat acteren in een andere taal heel bevrijdend werkt. Dat zou ik dus echt méér willen doen.”

“Daarnaast zijn er talloze regisseurs met wie ik wel eens zou willen samenwerken. Af en toe zeg ik dat ook. Als ik mensen interessant vind, laat ik hen dat gewoon weten.”

Dat doet niet iedereen.

“Ik wel hoor, natuurlijk. Omgekeerd geldt hetzelfde: als je voelt dat iemand je waardeert, dan is het toch alleen maar fijn om dat te weten? Dus, als er een regisseur een mooie film maakt, dan stuur ik die een berichtje. Vanuit een liefde voor het vak, en vanuit het idee: elk berichtje om proficiat te wensen is aangenaam. Ik krijg ze ook graag! Er zijn genoeg azijnpissers die alles afbreken, dus waarom zou je niet positief mogen zijn?

Plannen!

Plannen! © Medialaan

Wat staat er nog op je programma, naast de film die je Robin Pront gaat maken?

“We gaan nu aan het tweede seizoen van de Callboys beginnen. Daarna speel ik mee in een film, en daarna in een reeks. Mijn agenda staat goed vol. Verder heb ik zelf nog iets in elkaar gebokst met Bruno Vanden Broucke en Ruth Beeckmans, dat we gaan tonen hier op Filmfestival Oostende."

Een kortfilm?

“Iets tussen een kortfilm en een langspeler in: geen twee uur, maar ook geen kwartier. Ik ben er wel heel fier op. Het is groter geworden dan we dachten, maar veel meer wil ik er nog niet over kwijt.”
 
Ben jij ook benieuwd naar Matteo’s productie en wil je meegenieten van zijn Masterselectie? Je kunt het allemaal ontdekken op Filmfestival Oostende, van 7 tot 15 september 2018. Matteo heet je van harte welkom!

Dit artikel maakt mij
  • 0
  • 0
  • 0
  • 0
  • 0

Lees ook